Van Maanen Hans van Maanen

klikklikklikklikklik

Geen wolf en zeven geitjes

Rupsenoorlog

Het bijzondere van Rupsenoorlog, bedacht door Michael Baldwin en gepubliceerd in het blad Games and Puzzles, is de manier van bewegen van de stukken. De doelstelling is klassiek voor westerse spelen: het zo aanleggen dat de tegenstander niets meer kan doen.

Vijftien witte en vijftien zwarte stenen staan op een bord van acht bij acht in Sprinkhaan-positie. Wit begint.

Hij neemt een rij recht of schuin achter elkaar liggende stenen en stapelt deze op de steen aan een van de uiteinden van de rij. Dan kiest hij een richting, wederom recht of schuin, en legt de stenen weer een voor een neer. De rij mag in een andere richting komen te liggen dan de oorspronkelijke. Hieronder een eerste zettenwisseling, waar wit b2 en b3 op b4 heeft gezet en de rij heeft laten neerkomen op c5 en d6. In plaats van zo'n 'rups' te laten lopen, mag een speler ook een enkele steen een veld in een willekeurige richting schuiven: zwart deed g5-f5.

Een rups mag niet zo worden neergelegd dat hij over de rand van het bord gaat, noch, uiteraard, weer terug in de richting waar hij vandaan kwam. Maar verder zijn er geen beperkingen, dus hij mag ook over eigen of andermans stenen heenliggen. Op stenen van de eigen kleur blijft de rups gewoon liggen: daar ontstaat een stapeltje van twee (en op den duur meer) stenen. Bij een volgende beurt wordt alleen de bovenste steen meegenomen in de stapel en komt de onderste steen weer vrij.

Als de rups op vijandelijke stenen terechtkomt, worden die stenen geslagen en van het bord genomen. Een rups kan verschillende stenen in een beurt veroveren. Komt de rups op een stapeltje van de tegenstander, dan wordt alleen de bovenste steen ervan veroverd.

Het spel is remise als duidelijk wordt dat geen van de spelers meer kan winnen. Meestal is dat al wanneer ze ieder nog drie stenen of minder over hebben.

Ziehier het begin van een spel -- eerst de steen aan het ene eind van de rups, dan de 'stationaire steen' tussen haakjes, en dan het veld waar de kop van de rups terechtkomt:

1. h5(d1)d5 a4(d7)d4

De witte stukken op d4 en d5 worden veroverd.

2. h1(d1)d5

Wit slaat meteen terug. Op d2 en d3 zijn stapeltjes ontstaan van twee witte stenen. De strijd om het centrum gaat door.

2. … a7(d7)d4
3. d1(d3)d5

Op d2 blijft een steen liggen.

3. … d8(d6)d4
4. h4(f2)d2 d6(d4)d2

De zwarte stenen op d2 en d3 veroveren elk alleen de bovenste witte steen, de andere blijft liggen. En zo verder.

Terug naar inhoud